Overlevingsmechanisme en overlevingsstrategie
Overlevingsmechanismen en overlevingsstrategieën ontwikkel je vaak als je kind bent. Binnen coping en overlevingsmechanismen is het een automatische manier waarop je jezelf leert beschermen tegen spanning, pijn, angst of onveiligheid. Het is een manier van overleven. Toen had je het nodig. Het was een natuurlijke reactie van jouw geest op een gebeurtenis of op omstandigheden waar je als kind niet aan kon ontsnappen. Op latere leeftijd kan datzelfde overlevingsmechanisme zich echter tegen je keren.
Wat is een overlevingsmechanisme?
Een overlevingsmechanisme is een automatische manier waarop je probeert om jezelf emotioneel of praktisch staande te houden wanneer een situatie te groot, te spannend of te pijnlijk voelt. Overleven betekent hier niet alleen dat je letterlijk in leven moet blijven. Het betekent ook dat je probeert om emotioneel overeind te blijven wanneer je niet krijgt wat je nodig hebt of wanneer je te maken krijgt met angst, afwijzing, verlies, geweld, spanning of onzekerheid.
Je ontwikkelt gedrag, gedachten en reacties die jou helpen om de situatie draaglijk te maken. Misschien ga je vechten, vluchten, bevriezen of jezelf aanpassen. Misschien word je heel sterk, verstandig, behulpzaam of zelfstandig. Je kiest dat niet na rijp beraad. Het overlevingsmechaniekje springt aan omdat het op dat moment de beste mogelijkheid lijkt die je hebt.

Waarom valt een overlevingsmechanisme onder coping?
Een overlevingsmechanisme valt onder coping omdat het een manier is om met spanning, pijn, dreiging en moeilijke omstandigheden om te gaan. Coping gaat over wat je doet wanneer het leven je onder druk zet. Een overlevingsmechanisme is coping op de automatische piloot. De reactie is vaak zo oud en vertrouwd dat zij al in werking treedt voordat jij bewust hebt besloten wat je wilt doen.
Je kunt coping, copingstrategie, overlevingsstrategie en overlevingsmechanisme theoretisch helemaal uit elkaar proberen te trekken. Voor je het weet, zit je in een woordenboekdiscussie waar niemand mee geholpen is. De belangrijkste vraag is niet hoe je jouw reactie precies noemt. De vraag is: wat doe jij wanneer je je bedreigd, afgewezen, onzeker of machteloos voelt? Ga je vermijden, pleasen, controleren, presteren, vechten of dichtklappen?
Een copingstrategie kan bewust worden ingezet, maar een overlevingsmechanisme is vaak dieper ingesleten. Het ontstond toen je nog niet de vrijheid, kracht of mogelijkheden had om de situatie werkelijk te veranderen. Je deed wat werkte. Tenminste, wat toen werkte.
Wanneer ontstaat een overlevingsmechanisme?
Overlevingsmechanismen ontstaan vaak wanneer er te weinig aandacht is voor de werkelijke behoeften van een kind. Gevoelens en emoties waren niet veilig of er was geen aandacht voor. Wat je als kind voelde, deed er niet zoveel toe of werd afgedaan als zeuren en piepen. Je leerde dan misschien dat je stil moest zijn, sterk moest blijven, niet lastig mocht doen of vooral goed moest luisteren.
Ook gebeurtenissen met veel impact kunnen ervoor zorgen dat een kind niet de aandacht, veiligheid of bescherming krijgt die het nodig heeft. Niet de gebeurtenis alleen bepaalt welk mechanisme ontstaat. Het gaat ook om hoe jij de situatie hebt beleefd, welke steun beschikbaar was en welke reactie jou op dat moment hielp.
- Het overlijden van een broer, zus, vader of moeder.
- Een echtscheiding van de ouders.
- Een ouder met verslavingsproblematiek.
- Fysiek of mentaal geweld.
- Financiële problemen binnen het gezin.
- Een faillissement van het bedrijf van jouw ouders.
- Aanranding, verkrachting of seksueel misbruik.
- Langdurige kritiek, afwijzing of emotionele onveiligheid.
- Hoge verwachtingen en weinig ruimte om gewoon kind te zijn.
Twee kinderen kunnen hetzelfde meemaken en toch een ander overlevingsmechanisme ontwikkelen. Het ene kind gaat vechten, het andere trekt zich terug en een derde gaat zich aanpassen. Ieder kind zoekt op zijn eigen manier naar bescherming, aandacht, erkenning, grip of veiligheid.
Hoe reageert een kind wanneer het zich bedreigd voelt?
Wanneer een kind te weinig aandacht, liefde, erkenning, waardering of veiligheid krijgt, ontstaan er verschillende mogelijke reacties. Die reacties zijn niet goed of fout. Het zijn manieren om de situatie vol te houden.
Vechten of rebels zijn
Het kind wordt rebels. Denk aan stampvoetend en krijsend door de supermarkt gaan en zo aandacht opeisen. Of het vertoont heel brutaal gedrag dat weliswaar wordt afgestraft, maar waardoor het toch even aandacht krijgt. Het kind kan leren dat boosheid, hardheid of aanval de beste verdediging is. Het probeert door te vechten de controle terug te pakken.
Vluchten
Het kind loopt ervoor weg. Het sluit zich af op de slaapkamer, trekt zich terug, wordt mensenschuw of verlegen en ontwikkelt misschien angst voor de buitenwereld. Vluchten kan ook betekenen dat je jezelf verliest in werk, fantasie, afleiding of denken. Zogenaamd voel je dan geen pijn immers.
Bevriezen
Het kind bevriest. Het klapt dicht, weet niets meer te zeggen of doet alsof het niet geraakt wordt door wat er is gebeurd. Wanneer er spanning ontstaat, lijkt het alsof alles vanbinnen wordt stilgezet. Niet voelen, niet bewegen en vooral niet opvallen.
Aanpassen of conformeren
Het kind gaat zich aanpassen en conformeren en wringt zich in alle bochten om toch onder de aandacht te komen. Dit is het ruilhoekje: ‘ik doe alles wat je zegt, mits je mij maar aandacht geeft’. Pleasegedrag op en top. Het kind leert dat het veilig blijft wanneer het aardig, gemakkelijk, behulpzaam en gehoorzaam is.
Deze reacties hangen samen met vechten, vluchten en bevriezen. Ook aanpassen hoort bij de manieren waarop je kunt reageren wanneer een situatie bedreigend of onveilig voelt.
Welke bodyguards beschermen jou?
Als het innerlijke kind bedreigd wordt, komen er bodyguards in actie. Dat zijn de zielssoldaten die je willen beschermen. Ze willen voorkomen dat jou opnieuw overkomt wat je vroeger is overkomen. Dat klinkt nuttig en dat was het ook. Alleen zijn sommige bodyguards nooit afgemeld. Ze staan nog steeds dag en nacht voor de deur, ook wanneer het gevaar allang voorbij is.
De innerlijke criticus
De innerlijke criticus zegt: ‘wees toch eens stil, praat niet zo hard, dans niet zo raar, let toch eens op’. Hij probeert kritiek en afwijzing voor te zijn door jou zelf alvast op jouw kop te geven. Wanneer jij jezelf voortdurend corrigeert, hoeft een ander het misschien niet meer te doen. Dat is althans zijn redenering.
De controleur
De controleur vertelt dat je grip moet houden op het leven en dat je alles onder controle moet zien te houden. Hij houdt niet van verrassingen, onzekerheid en dingen die anders lopen dan gepland. Controle geeft tijdelijk rust, maar je kunt er ook behoorlijk moe van worden wanneer je zelfs het weerbericht persoonlijk probeert aan te sturen.
De perfectionist
De perfectionist vertelt dat het beste nog niet goed genoeg is. Wanneer je geen fouten maakt, kan niemand kritiek hebben en word je misschien niet afgewezen. Daarom moet alles beter, mooier, sneller en zorgvuldiger. Het probleem is dat de eindstreep iedere keer een stukje wordt verplaatst.
De pusher
De pusher zegt: ‘maak dit nog even af, dan zijn we klaar’. Dat moment komt alleen nooit. Hij blijft duwen, jagen en doorgaan. Rust voelt ongemakkelijk en stilstaan kan betekenen dat gevoelens alsnog boven komen drijven. Dus vooruit met de geit.
De pleaser
De pleaser zegt: ‘je kunt het niet maken om die mensen zomaar te laten zitten’. Hij wil teleurstelling, ruzie en afwijzing voorkomen. Daarom zegt hij ja wanneer jij nee bedoelt, voelt hij zich verantwoordelijk voor de sfeer en houdt hij voortdurend in de gaten wat anderen nodig hebben.
De rationele denker
De rationele denker wil alles verklaren en beredeneren. Hij maakt analyses, zoekt oorzaken en bouwt een stevig verhaal. Zolang je alles kunt begrijpen, hoef je het misschien niet te voelen. Denken geeft afstand en dat kan veilig zijn. Alleen heeft jouw hart soms weinig aan een sluitende PowerPointpresentatie.
Het probleem is niet dat je bodyguards hebt. Het probleem ontstaat wanneer ze overal gevaar zien en zonder overleg de leiding overnemen. Dan bepaalt een oude beschermingsreactie hoe jij vandaag omgaat met werk, relaties, gevoelens en conflicten.
Waarom hoef je jouw overlevingsmechanisme niet te veroordelen?
Als je dit herkent, verwijt jezelf dan niets. Als kind had je geen keuze. Je kon niet anders. Je ontwikkelde onbewust gedrag waar je als kind niet verantwoordelijk voor gehouden kunt worden. Je had het nodig. Het was jouw manier om te overleven. Ik zeg zelfs: wees dankbaar dat je die overlevingsstrategie had!
Dankbaar zijn betekent niet dat je het gedrag nu maar moet laten voortbestaan. Je kunt erkennen dat het mechanisme jou ooit heeft beschermd en tegelijkertijd vaststellen dat het vandaag niet meer helpt. Begrip is iets anders dan alles goedpraten. Het zorgt ervoor dat je niet ook nog oorlog gaat voeren tegen het deel van jou dat juist probeerde om jou veilig te houden.
Wanneer neemt het mechanisme jouw leven over?
Een overlevingsstrategie vanuit de jeugd heeft vaak gevolgen voor het latere leven. Het kan een rol spelen in jouw relatie of op jouw werk. Zodra het moeilijk of spannend wordt, of wanneer er een conflict ontstaat, vertoon je hetzelfde gedrag als vroeger. Je valt terug op de strategie die jij als kind ook hanteerde. Je gaat vermijden of vechten, je klapt dicht of vertoont opnieuw een grote mate van aanpassingsgedrag.
- Je klapt dicht tijdens een gesprek.
- Je wordt hard of te direct in jouw communicatie.
- Je wilt alles onder controle houden en zoekt overmatig grip.
- Je bent bang om fouten te maken en wilt het daarom overdreven goed doen.
- Je gaat steeds harder werken wanneer je spanning ervaart.
- Je probeert voortdurend anderen tevreden te houden.
- Je redeneert gevoelens weg en blijft vooral in jouw hoofd.
- Je vindt het moeilijk om hulp te vragen of te ontvangen.
Wat je vroeger nodig had om te overleven, keert zich nu tegen je wanneer je dit gedrag blijft voortzetten. Het mechanisme neemt jouw leven over wanneer je niet meer kunt wisselen van aanpak. Je reageert dan niet alleen op wat er nu gebeurt, maar ook op iets ouds dat wordt geraakt. Door herhaling kan het overlevingsmechanisme uitgroeien tot een van jouw vaste patronen en overlevingsstrategieën. Je doet steeds hetzelfde, terwijl je iedere keer hoopt op een andere uitkomst. Dat is een zware baan zonder fatsoenlijke cao.
Kan een overlevingsstrategie ook een talent worden?
Wanneer je als kind een overlevingsmechanisme gaat ontwikkelen, zet je meestal jouw talent in. Da’s bijzonder! In coaching ontdek ik vaak talenten van mensen door hun overlevingsmechanisme te ontleden. Wat ooit begon als bescherming, kan zich namelijk ontwikkelen tot iets waar je goed in bent.
- Aanpassen kan zich ontwikkelen tot sociale gevoeligheid.
- Controle houden kan zich ontwikkelen tot nauwkeurigheid.
- Hard werken kan zich ontwikkelen tot doorzettingsvermogen.
- Rationeel denken kan zich ontwikkelen tot analytisch vermogen.
- Alert zijn kan zich ontwikkelen tot een sterk waarnemingsvermogen.
- Verantwoordelijkheid dragen kan zich ontwikkelen tot leiderschap.
Maar een talent dat altijd aanstaat, wordt vanzelf een valkuil. Doorzettingsvermogen wordt dan doordraven, verantwoordelijkheid wordt oververantwoordelijkheid en analytisch vermogen wordt een manier om niet te voelen. Op de pagina over overlevingsstrategie en talent lees je hoe bescherming en talent met elkaar verweven kunnen raken.
Hoe herken je jouw eigen overlevingsmechanisme?
Een overlevingsmechanisme kondigt zich meestal niet netjes aan. Het schiet aan voordat jij hebt besloten wat je wilt doen. Je merkt het aan spanning in jouw lijf, een automatische gedachte of gedrag dat al begonnen is voordat je er erg in hebt. Stel jezelf daarom eens de volgende vragen:
- Wat doe ik zodra ik spanning ervaar?
- Ga ik vechten, vluchten, bevriezen of aanpassen?
- Word ik hard, stil, druk of heel behulpzaam?
- Wat probeer ik op dat moment te voorkomen?
- Welke bodyguard komt als eerste in actie?
- Wat levert die reactie mij direct op?
- Wat kost deze reactie mij later?
- Reageer ik op wat er nu gebeurt of op iets ouds dat wordt geraakt?
Misschien ontdek je dat je niet altijd hetzelfde reageert. In de ene situatie ga je vechten en in een andere situatie pas je je aan. Ook kan jouw reactie afhangen van de persoon tegenover je. Op de pagina over copingstijl lees je meer over de manieren waarop je meestal met spanning en tegenslag omgaat.
Hoe verander je een overlevingsmechanisme?
Een overlevingsmechanisme verander je niet door jezelf toe te spreken met: en nu moet het afgelopen zijn. Het mechanisme is vaak jarenlang geoefend en springt razendsnel aan. Verandering begint met herkennen wat er gebeurt, begrijpen wat het probeert te beschermen en oefenen met een reactie die beter past bij het heden.
Herken wanneer het mechanisme aanslaat
Onderzoek welke situaties jouw reactie activeren. Wat gebeurt er in jouw lijf? Welke gedachte schiet door jouw hoofd? Wat doe je vervolgens? Probeer het mechanisme eerst waar te nemen zonder jezelf meteen te veroordelen. Je kunt pas iets veranderen wanneer je ziet dat het gebeurt.
Begrijp wat het probeert te beschermen
Vraag jezelf af waarvoor de bodyguard bang is. Probeert hij afwijzing, kritiek, ruzie, schaamte of verlies van controle te voorkomen? Welke kwetsbaarheid zit erachter? Misschien gaat het om behoefte aan veiligheid, erkenning, aandacht, liefde of ruimte om jezelf te zijn.
Bedank de bodyguard en neem het stuur over
Je hoeft jouw bodyguard niet te ontslaan en zonder pensioen de straat op te sturen. Je mag hem bedanken voor bewezen diensten en duidelijk maken dat jij inmiddels zelf kunt beoordelen wat nodig is. De situatie van nu is niet automatisch dezelfde als die van vroeger.
Kies een reactie die bij het heden past
Misschien betekent dat dat je een grens stelt, hulp vraagt, een gevoel toelaat of een spannend gesprek aangaat. Misschien hoef je niet direct te pleasen, te presteren of alles onder controle te krijgen. Je onderzoekt wat de situatie nu werkelijk van je vraagt in plaats van automatisch de oude route te volgen.
Oefen en verwacht geen wonderknop
Een ingesleten mechanisme verdwijnt niet na één inzichtgevend gesprek en drie keer diep ademhalen. Terugval hoort erbij. Iedere keer dat je het mechanisme eerder herkent en bewust een andere keuze maakt, ontstaat er meer ruimte. Stapje voor stapje wordt de automatische reactie minder vanzelfsprekend.
Wat heeft een overlevingsmechanisme met autonomie te maken?
Autonomie betekent niet dat je nooit meer automatisch reageert. Het betekent dat je leert herkennen wat jou bestuurt en dat je verschil kunt maken tussen vroeger en nu. Je hoeft jouw verleden niet te ontkennen en je hoeft jouw overlevingsmechanisme niet af te wijzen. Je neemt wel verantwoordelijkheid voor hoe je vandaag handelt. Je krijgt meer autonomie wanneer je jouw gevoelens en behoeften serieus neemt, niet automatisch in de oude rol stapt en kunt kiezen welke reactie bij de huidige situatie past. De bodyguards mogen blijven, maar ze hoeven niet langer de directiekamer te bezetten. Je overlevingsmechanisme is niet jouw vijand. Het is een oude bodyguard die nog niet doorheeft dat jij inmiddels volwassen bent en andere keuzes kunt maken.
Coaching gericht op autonomie en persoonlijk leiderschap
Merk je dat je bij spanning automatisch gaat pleasen, controleren, presteren, vluchten of dichtklappen? In coaching gericht op autonomie en persoonlijk leiderschap onderzoek je welk overlevingsmechanisme in werking treedt, wat het probeert te beschermen en hoe je stap voor stap meer keuzevrijheid ontwikkelt.
Veelgestelde vragen over overlevingsmechanismen
Hieronder vind je antwoorden op vijf veelgestelde vragen over het ontstaan, herkennen en veranderen van overlevingsmechanismen.
Wat is een overlevingsmechanisme?
Een overlevingsmechanisme is een automatische manier waarop je jezelf beschermt tegen spanning, pijn, angst of onveiligheid. Het mechanisme ontstond vaak toen je nog niet de mogelijkheid had om de situatie werkelijk te veranderen.
Waarom valt een overlevingsmechanisme onder coping?
Een overlevingsmechanisme valt onder coping omdat het een manier is om met moeilijke omstandigheden en gevoelens om te gaan. Het is een diep ingesleten vorm van coping die vaak automatisch in werking treedt.
Welke overlevingsmechanismen zijn er?
Veelvoorkomende reacties zijn vechten, vluchten, bevriezen en aanpassen. Ook pleasen, controleren, perfectionisme, hard werken, jezelf bekritiseren en gevoelens wegredeneren kunnen als overlevingsmechanisme werken.
Waarom werkt een oud overlevingsmechanisme later tegen je?
Het mechanisme reageert op situaties van nu alsof het oude gevaar nog aanwezig is. Daardoor kun je automatisch gedrag inzetten dat ooit hielp, maar dat jouw relaties, werk, gezondheid of persoonlijke ontwikkeling nu belemmert.
Kun je een overlevingsmechanisme veranderen?
Ja. Verandering begint met herkennen wanneer het mechanisme aanslaat, begrijpen wat het probeert te beschermen en oefenen met reacties die beter bij het heden passen. Dat vraagt tijd, herhaling en mildheid voor jezelf.
Verder werken aan autonomie en persoonlijk leiderschap
Wil je jouw automatische overlevingsreacties leren herkennen en meer vrijheid ervaren in hoe je reageert? In de online training autonomie en persoonlijk leiderschap werk je aan bewustwording, gevoelens, behoeften, grenzen en keuzes die beter bij jou passen.

Auteur
Dit artikel is geschreven door Jan Stevens. Jan Stevens is eigenaar en oprichter van De Steven training & coaching (www.desteven.nl). Op deze website tref je meer dan 2000 blogs over persoonlijke ontwikkeling, loopbaan, leiderschap, teamontwikkeling, hoogsensitiviteit en hoogbegaafdheid.

Publicatiedatum: 20-08-2016
Update: 25 juli 2026


