De pusher: ben jij dat?
Ben jij een pusher? Iemand die alsmaar doorgaat tot je erbij neervalt? Binnen coping en overlevingsmechanismen is de pusher een innerlijke bodyguard die jou voortdurend in beweging houdt. Niet alleen omdat je zoveel wilt, maar vaak omdat stilstaan iets oproept wat je liever niet voelt. In dit artikel ga ik in op de pusher, de oorzaken en gevolgen, maar ook op de goeie kant van de pusher.
Pushen of gedreven zijn
Ik maak verschil tussen innerlijke gedrevenheid en de pusher, zoals ik het hier uitleg. Innerlijke gedrevenheid is een niet te stuiten flow die voortkomt uit jouw talent. De pusher wordt gedreven door angst. Waarom? Je wordt in bescherming genomen tegen het idee dat je niks voorstelt, dat je waardeloos bent, dat je jouw talenten onbenut laat of dat je tot niets komt. De pusher zorgt er ook voor dat gevoelens van overbodigheid, leegte en onrust niet te veel doordringen. Wanneer je gedreven bent, werk je vanuit je hart en vanuit een innerlijke drive. Daar speelt willen een grote rol. Je kunt hard werken, genieten van wat je doet en ook voelen wanneer het genoeg is. De pusher laat zich leiden door ‘voorkomen dat’. Voorkomen dat je tekortschiet, wordt afgewezen, stilvalt of moet voelen wat er onder alle drukte zit.

Waarom valt de pusher onder coping?
De pusher valt onder coping omdat hij in actie komt wanneer jij spanning, onzekerheid, onrust of een gevoel van niet goed genoeg zijn ervaart. Hij gebruikt werken, regelen, presteren en doorgaan als bescherming. Zolang jij bezig bent, hoef je niet stil te staan bij wat je voelt. De pusher is daarmee een overlevingsmechanisme dat jou in beweging houdt, zodat je niet hoeft te voelen wat er onder die drukte zit. Hij zegt niet alleen: ik wil iets bereiken. Hij zegt vooral: ik moet doorgaan, want als ik stilval, komt er iets boven waar ik niet naartoe wil.
Hoe herken je de pusher?
Kenmerken van de pusher? Hij of zij:
- Is niet te stuiten qua activiteiten.
- Heeft altijd haast en is altijd druk.
- Heeft zelden tijd om even te lummelen of te lanterfanten.
- Vergeet te dromen en te zijn.
- Neemt nauwelijks rust of tijd voor zichzelf.
- Is altijd bezig.
- Wil steeds nog één ding afmaken.
- Voelt zich schuldig wanneer er niets wordt gedaan.
- Zoekt meteen een nieuwe taak zodra iets af is.
- Wordt ongeduldig wanneer anderen een lager tempo hebben.
De pusher wacht graag met rusten tot alles klaar is. Dat klinkt praktisch, maar alles is natuurlijk nooit klaar. Zodra de ene taak af is, ziet hij alweer drie andere dingen die dringend moeten gebeuren.
Waar is de pusher ooit voor in actie gekomen?
Als jouw innerlijke kind zich bedreigd voelt, komen de bodyguards in het geweer. De pusher is daar zo’n voorbeeld van, net als de innerlijke criticus, de perfectionist, de controlefreak, de pleaser of de vechter. Negatieve ervaringen uit het verleden kunnen ervoor hebben gezorgd dat de pusher bij jou actief is geworden.
- Heb je je vroeger vaak waardeloos of overbodig gevoeld?
- Deed jij er te weinig toe?
- Zag men jou niet staan?
- Heb je een soort bewijsdrang ontwikkeld?
- Kreeg je vooral waardering wanneer je iets presteerde?
- Werd rust thuis gezien als luiheid?
- Leerde je dat je pas meetelde wanneer je nuttig was?
De pusher kan zijn ontstaan omdat hard werken, doorgaan en presteren jou waardering, aandacht of een gevoel van betekenis opleverden. Je leerde dat je ertoe deed wanneer je iets voor elkaar kreeg. Dan is het logisch dat stoppen niet alleen als stoppen voelt, maar ook als het risico dat je niet meer nodig bent.
Waarom kun je niet gewoon stoppen?
Voor een pusher voelt stoppen niet automatisch als rust. Stoppen kan voelen als nutteloos zijn, lui zijn, controle verliezen, achteropraken of niet meer nodig zijn. Het kan ook ruimte geven aan vermoeidheid, verdriet, leegte of onrust. En daar zat de pusher nou juist niet op te wachten. Daarom is het advies ‘neem gewoon wat rust’ nogal gemakkelijk. Eerst moet je begrijpen waarom rust voor jou zo onrustig voelt. Misschien lijkt stilstaan op tijd verspillen. Misschien ben je bang dat anderen je voorbijstreven. Misschien weet je niet goed wie je bent wanneer je niet werkt, presteert of voor anderen zorgt.
Wat levert de pusher je op?
Zolang jij maar pusht gaat het goed. De pusher blijft niet alleen bestaan omdat hij iets voorkomt, maar ook omdat hij veel kan opleveren.
- Je bent succesvol.
- Je krijgt waardering.
- Je voelt tijdelijk rust.
- Je ervaart continuïteit en stabiliteit.
- Je haalt resultaten die jou voldoening geven.
- Mensen vinden je daadkrachtig en betrouwbaar.
- Je krijgt veel voor elkaar.
- Je houdt het gevoel dat je grip hebt.
- Je hoeft niet stil te staan bij wat je voelt.
Resultaat, erkenning en waardering zijn een stevige beloning. Geen wonder dat de pusher niet vrijwillig met vervroegd pensioen gaat. Hij gebruikt bovendien vaak echte kwaliteiten. Op de pagina over talent en overlevingsstrategie lees je hoe een overlevingsmechanisme gebruik kan maken van wat jij van nature goed kunt.
Pas op: wanneer wordt de pusher onaardig voor je?
De pusher brengt iets, maar is ook onaardig voor je. Hij ziet jouw grens meestal pas wanneer je er al een flink stuk overheen bent.
- Je overvraagt jezelf.
- Je legt de lat veel te hoog.
- Je verliest het contact met jezelf.
- Je verwaarloost jouw sociale netwerk.
- Je gaat drammen en anderen opjagen.
- Je overrulet anderen en hebt te weinig aandacht voor ze.
- Je negeert vermoeidheid en lichamelijke signalen.
- Je wordt prikkelbaar en gejaagd.
- Je ontleent jouw waarde vooral aan productiviteit.
- Je weet niet meer goed wat je zelf nodig hebt.
- Een burn-out kan op de loer liggen.
De pusher is niet alleen hard voor jou. Hij kan ook lastig worden voor mensen om je heen. Jij hebt haast, dus iedereen moet haast hebben. Jij vindt dat iets af moet, dus een ander moet daar onmiddellijk in mee. Voor je het weet, jaag je niet alleen jezelf maar het halve kantoor op.
Wat zegt de pusher tegen jou?
De pusher is zo’n stemmetje in jouw binnenste dat zegt:
- ‘Joh, maak dit nou even af, dan is ’t klaar hè?’
- ‘Ledigheid is des duivels oorkussen.’
- ‘Ga eens wat doen.’
- ‘Schiet eens op.’
- ‘Pak eens door.’
- ‘Je moet wel effectief zijn.’
- ‘Je moet wel doorzetten, ook al heb je er geen zin in.’
- ‘Rust kun je nemen als alles af is.’
Dat laatste moment komt natuurlijk nooit. Want zodra iets af is, ziet de pusher alweer drie andere dingen die dringend moeten gebeuren. Het is een stem die zelden zegt: mooi geweest, ga maar eens zitten.
Welke overtuigingen voeden de pusher?
Overtuigingen spelen een grote rol bij de pusher. Wellicht kreeg je ze mee van vader en moeder. Er moet wel gewerkt worden, natuurlijk. Het leven is niet alleen maar rozengeur en maneschijn. Soms moet je je er maar even overheen zetten. Overal is wel eens wat. Daar kunnen overtuigingen bij horen als:
- Rust is voor luie mensen.
- Ik moet nuttig zijn.
- Ik ben wat ik presteer.
- Als ik stop, stel ik mensen teleur.
- Ik mag niet zwak zijn.
- Anderen rekenen op mij.
- Eerst alles af, dan mag ik ontspannen.
- Ik moet mijn talent benutten.
Niet iedere overtuiging over werken is verkeerd. Het probleem ontstaat wanneer zij geen ruimte laat voor maat, herstel, gevoel en keuze. Dan is hard werken geen vrije keuze meer, maar een opdracht die voortdurend in jouw hoofd wordt herhaald.
Welk talent gebruikt de pusher?
De pusher gebruikt vaak echte kwaliteiten. Denk aan daadkracht, werklust, doorzettingsvermogen, verantwoordelijkheid, resultaatgerichtheid, discipline, snelheid, praktisch vermogen en ambitie. Het talent is niet het probleem. Het probleem ontstaat wanneer het talent altijd aanstaat en wordt aangedreven door angst.
- Doorzettingsvermogen wordt doordraven.
- Daadkracht wordt drammen.
- Verantwoordelijkheid wordt alles overnemen.
- Resultaatgerichtheid wordt nooit tevreden zijn.
- Discipline wordt jezelf niets gunnen.
- Snelheid wordt gejaagdheid.
- Praktisch vermogen wordt voortdurend regelen.
Door herhaling kan de pusher een vast onderdeel worden van jouw patronen en overlevingsstrategieën. Je gaat steeds harder werken zodra je spanning voelt, ook wanneer de situatie eigenlijk om rust, overleg of vertraging vraagt.
Hoe behoud je jouw daadkracht zonder jezelf op te jagen?
Wat kun je eraan doen? De vraag is niet wat je eraan kunt doen. De vraag is: wil je er wat aan doen? Als je dat graag wilt, gaat dat lukken. Je hoeft jouw daadkracht niet kwijt te raken en je hoeft ook niet van de ene op de andere dag in een hangmat te gaan wonen. Het gaat erom dat je leert versnellen én vertragen.
Leer het verschil tussen willen en moeten
Vraag jezelf af: wil ik dit werkelijk of ben ik bang om te stoppen? Geeft dit mij energie of probeer ik iets te voorkomen? Gedrevenheid voelt anders dan innerlijke dwang. Bij gedrevenheid kun je hard werken en toch contact houden met jezelf. Bij de pusher verdwijnt de keuze.
Neem rust voordat alles af is
Alles is nooit af. Dat is vervelend nieuws voor de pusher, maar wel de waarheid. Wacht daarom niet tot jouw agenda leeg is of ieder probleem is opgelost. Neem pauze voordat je omvalt, leg werk neer terwijl er nog iets ligt en plan herstel net zo serieus als werk.
Leer lummelen en lanterfanten
Neem rust, leer lummelen en lanterfanten. Leer daar anders naar te kijken. Niet alles hoeft nuttig te zijn. Nietsdoen kan ruimte geven om weer contact te maken met wat jij voelt, nodig hebt en verlangt. Dromen en zijn horen ook bij het leven.
Speel ook de rusten
Denk eens aan een mooi muziekstuk. Stel je voor dat ze de rusten niet zouden spelen. Dat zou toch verschrikkelijk klinken! Dus rusten doen ertoe. In een goed muziekstuk speel je de noten, de rusten en weet je maat te houden.
Leer versnellen en vertragen
Denk eens aan een voetbalwedstrijd bij een topclub. Ook daar kunnen ze versnellen en vertragen tijdens het spel. Dat is wat anders dan als een kip zonder kop een wedstrijdlang hardlopen. Wie alleen maar versnelt, houdt geen overzicht en raakt uiteindelijk uitgeput.
Zoek opnieuw contact met jezelf
Loop af en toe bij je werk weg. Maak een wandeling, luister naar muziek, lees een boek of voer een goed gesprek. Niet als nieuwe taak die ook nog moet worden afgevinkt, maar als manier om te merken hoe het werkelijk met je gaat.
Wat hebben de pusher en autonomie met elkaar te maken?
Autonomie betekent niet dat je minder ambitieus moet worden of nooit meer hard mag werken. Het betekent dat je kunt kiezen. Je kunt versnellen en vertragen, werken en rusten, presteren en voelen wanneer het genoeg is. Je hoeft jouw waarde niet voortdurend te bewijzen met resultaten. De pusher mag best adviseren, maar hij hoeft niet langer de directiekamer te bezetten. Jij bepaalt wat de situatie vraagt en wanneer jouw lichaam, gevoelens of relaties aandacht nodig hebben. Je hoeft de pusher niet volledig weg te sturen. Je moet hem alleen leren dat een goed leven niet alleen uit noten bestaat. Zonder rusten klinkt zelfs het mooiste muziekstuk verschrikkelijk.
Coaching gericht op autonomie en persoonlijk leiderschap
Merk je dat je voortdurend doorgaat, jezelf overvraagt en nauwelijks kunt vertragen? In coaching gericht op autonomie en persoonlijk leiderschap onderzoek je wat jouw pusher aandrijft, welke gevoelens hij probeert weg te houden en hoe je jouw daadkracht behoudt zonder jezelf voortdurend op te jagen.
Veelgestelde vragen over de pusher
Hieronder vind je antwoorden op vijf veelgestelde vragen over de pusher, gedrevenheid, rust en doorgaan.
Wat is de pusher?
De pusher is een innerlijke bodyguard die jou aanspoort om door te gaan, te presteren en bezig te blijven. Daarmee probeert hij gevoelens van onrust, waardeloosheid, leegte of overbodigheid op afstand te houden.
Wat is het verschil tussen gedrevenheid en pushen?
Gedrevenheid komt voort uit willen, enthousiasme en talent. Je kunt hard werken en ook stoppen. De pusher komt voort uit moeten en voorkomen dat. Stoppen roept dan onrust, schuldgevoel of angst op.
Waarom kan een pusher moeilijk stoppen?
Voor een pusher voelt stoppen niet automatisch als rust. Het kan voelen als luiheid, nutteloosheid, controleverlies of ruimte geven aan gevoelens die hij juist probeert weg te houden.
Welke gevolgen heeft de pusher?
De pusher kan leiden tot uitputting, gejaagdheid, te hoge eisen, verlies van contact met jezelf, irritatie en problemen in relaties. Ook burn-out kan op de loer liggen.
Hoe leer je rust nemen zonder jouw daadkracht te verliezen?
Door het verschil te leren herkennen tussen willen en moeten, pauzes te nemen voordat alles af is, jouw tempo te doseren en rust niet langer als luiheid maar als onderdeel van goed functioneren te zien.
Verder werken aan autonomie en persoonlijk leiderschap
Wil je jouw daadkracht behouden zonder voortdurend over jouw grenzen te gaan? In de online training autonomie en persoonlijk leiderschap werk je aan bewustwording, gevoelens, behoeften, grenzen en keuzes die beter bij jou passen.

Auteur
Dit artikel is geschreven door Jan Stevens. Jan Stevens is eigenaar en oprichter van De Steven training & coaching (www.desteven.nl). Op deze website tref je meer dan 2000 blogs over persoonlijke ontwikkeling, loopbaan, leiderschap, teamontwikkeling, hoogsensitiviteit en hoogbegaafdheid.

Publicatiedatum: 27-07-2022
Update: 25 juli 2026


