Wat zijn executieve functies?
Executieve functies zijn de regelfuncties van je brein. Ze helpen je om te plannen, te starten, je aandacht erbij te houden, je impulsen te remmen, emoties te reguleren en jezelf bij te sturen. Ik noem ze ook wel: de dirigent in je hoofd.
Dit artikel hoort bij de serie over problemen op het werk.
Want stel je eens een orkest voor zonder dirigent. De violen beginnen te vroeg, de trompetten spelen te hard, de slagwerker loopt vooruit en de cellist weet niet wanneer hij moet inzetten. Alle muzikanten kunnen uitstekend spelen, maar samen klinkt het nergens naar. Zo kan het ook in jouw hoofd gaan. Je bent slim genoeg. Je voelt veel aan. Je hebt ideeën genoeg. Maar toch lukt het niet altijd om op tijd te beginnen, overzicht te houden of af te maken wat je begon. Dan gaat het vaak niet over onwil. Het gaat over executieve vaardigheden die onvoldoende ontwikkeld, overbelast of niet goed afgestemd zijn op de situatie waarin je zit. In dit artikel leg ik uit wat executieve functies zijn, waarom ze zo belangrijk zijn en waarom ze bij hoogbegaafde of hoogsensitieve mensen soms anders uitpakken dan je van buitenaf zou verwachten.
Wat betekenen executieve functies in de praktijk?
Executieve functies zijn vaardigheden die jou helpen om doelgericht gedrag te laten zien. Ze zorgen ervoor dat je niet alleen denkt, voelt of wilt, maar ook handelt op een manier die past bij jouw doel. Ik zeg het eenvoudig: executieve functies helpen je om jezelf aan te sturen.
Bij het woord executief denk ik ook aan uitvoerbaar maken. Vroeger had je op de computer een bestand met .exe. Dat was de uitvoerbare versie van een programma. Zo kun je executieve functies ook zien. Je kunt een prachtig programma in je hoofd hebben. Je weet wat je wilt. Je snapt wat nodig is. Je ziet zelfs al hoe het zou moeten worden. Maar dan moet het nog wel uitgevoerd worden. Executieve functies zorgen ervoor dat jouw ideeën, inzichten en bedoelingen niet alleen in je hoofd blijven hangen, maar worden omgezet in gedrag. Daarbij kun je denken aan elf kernvaardigheden:
- Volgehouden aandacht: Je blijft erbij, ook wanneer het saai of lastig wordt.
- Taakinitiatie: Je begint ook wanneer je er geen zin in hebt.
- Organisatie: Je brengt overzicht en structuur aan.
- Planning en prioritering: Je bepaalt wat eerst moet en wat later kan.
- Werkgeheugen: Je houdt informatie tijdelijk vast terwijl je ermee werkt.
- Doelgericht gedrag: Je houdt koers richting het resultaat.
- Timemanagement: Je voelt aan hoeveel tijd iets kost en verdeelt je energie.
- Emotieregulatie: Je gevoelens mogen er zijn, maar ze nemen niet het hele stuur over.
- Flexibiliteit: Je schakelt wanneer iets anders loopt dan gedacht.
- Respons-inhibitie: Je remt je eerste impuls en reageert niet meteen.
- Metacognitie zou je ook zelfreflectie kunnen noemen: Je denkt na over je eigen denken en handelen.

Hoe merk je dat executieve vaardigheden haperen?
Je merkt het vaak niet doordat iemand iets niet kan bedenken. Je merkt het doordat iemand het niet georganiseerd krijgt.
Dat is een belangrijk verschil. Iemand kan heel goed weten wat er moet gebeuren en toch niet beginnen. Iemand kan snappen hoe een planning werkt en toch voortdurend te laat zijn. Iemand kan precies uitleggen wat verstandig is en toch impulsief reageren wanneer de spanning oploopt. Ik hoor dan zinnen als:
- Ik weet het wel, maar ik doe het niet.
- Ik begin steeds te laat.
- Ik raak het overzicht kwijt.
- Ik kan moeilijk stoppen wanneer ik eenmaal bezig ben.
- Ik stel alles uit tot er paniek ontstaat.
- Ik voel me overspoeld en dan doe ik niets meer.
Daar zit vaak schaamte onder. Alsof je jezelf toespreekt met: “Doe nou eens normaal.” Maar zo werkt het niet. Je kunt jezelf niet naar betere executieve functies schreeuwen. Je kunt ze wel oefenen, ondersteunen en beter leren gebruiken.
Daarom vind ik het belangrijk om weg te blijven bij etiketten als lui, ongemotiveerd of chaotisch. Soms is iemand niet lui, maar overprikkeld. Soms is iemand niet ongemotiveerd, maar onvoldoende uitgedaagd. Soms is iemand niet chaotisch, maar mist hij een werkbare structuur.
Hoe ontwikkelen executieve functies zich?
Executieve functies zijn niet ineens af wanneer je naar de middelbare school gaat. Ze ontwikkelen zich stap voor stap. Bij jonge kinderen zie je eerst basale impulscontrole en aandacht. Later komen planning, organisatie en timemanagement sterker naar voren. In de tienerjaren groeien flexibiliteit, zelfreflectie en toekomstgericht denken verder door.
Hoe eerder je oefent, hoe gemakkelijker het meestal gaat. Toch betekent dat niet dat je na je 25e niets meer kunt ontwikkelen. Je brein blijft leerbaar. Alleen vraagt het dan vaak meer bewustzijn, herhaling en structuur. Daarom vind ik het nogal kort door de bocht wanneer we van kinderen en jongeren verwachten dat ze zich gedragen alsof hun brein al volwassen is. Natuurlijk mogen we begeleiden, begrenzen en oefenen. Maar we moeten niet doen alsof plannen, overzien en reguleren vanzelfsprekend zijn.
Bij volwassenen kan het overigens net zo goed spelen. Misschien heb jij jarenlang op intelligentie, doorzettingsvermogen of gevoel gevaren. Dat kan lang goed gaan. Tot je meer ballen in de lucht moet houden. Een gezin, werkdruk, mantelzorg, studie, een leidinggevende functie, een eigen bedrijf of een periode van stress. Dan merk je opeens dat jouw interne dirigent overbelast raakt. Ik zeg dan wel eens: je orkest is niet kapot, maar de dirigent staat met zijn bladmuziek in de storm.
Waarom vragen executieve functies oefening en herhaling?
Je brein ontwikkelt zich niet als een machine die je één keer goed instelt. Ik zie het liever als een tuin. Er is groei en er is snoei. Wat je oefent, krijgt voeding. Wat je gebruikt, wordt sterker. Wat je nooit nodig hebt, wordt minder vanzelfsprekend. Bij kinderen zie je dat heel duidelijk. In de jonge jaren ontstaan er veel nieuwe verbindingen. Daarna wordt er gesnoeid. Verbindingen die vaak gebruikt worden, blijven. Verbindingen die nauwelijks gebruikt worden, verdwijnen of worden minder sterk.
Dat verklaart waarom oefenen zo belangrijk is. Niet eindeloos herhalen om het herhalen, maar wel voldoende gebruiken om vaardigheid op te bouwen. Je leert niet in één dag fietsen. Je leert ook niet in één dag plannen, organiseren of je emoties reguleren. Het vraagt ervaring, herhaling en soms ook een omgeving die jou helpt om het te oefenen. Voor hoogbegaafde kinderen zit daar meteen een risico. Wanneer iets te gemakkelijk gaat, is oefenen niet nodig. Dan wordt er weinig beroep gedaan op plannen, doorzetten, herhalen en strategie kiezen. Later kan dat zich wreken. Niet omdat het kind het niet kan, maar omdat het kind het nog niet vaak genoeg nodig had.
Hoe werkt de remmende voorsprong bij executieve functies?
Bij hoogbegaafdheid wordt vaak gedacht: “Die kan zo goed denken, dus die zal ook wel goed kunnen plannen.” Dat is een misverstand. Een hoog IQ betekent niet automatisch dat alle executieve functies sterk ontwikkeld zijn. Sterker nog: sommige hoogbegaafde kinderen en volwassenen hebben bepaalde executieve vaardigheden juist minder geoefend. Niet omdat ze dom zijn, maar omdat het lang te gemakkelijk ging.
Wanneer je als kind weinig moeite hoeft te doen om goede cijfers te halen, oefen je minder met leren leren. Je hoeft misschien niet te plannen, niet te herhalen, niet door de frustratie heen, niet om hulp te vragen. Je hoofd loste het immers wel op. Tot het moment komt waarop slim zijn niet genoeg is. Dat noem ik de wet van de remmende voorsprong. Je liep voor omdat je snel dacht, snel begreep en weinig uitleg nodig had. Maar juist daardoor oefende je minder met plannen, herhalen, volhouden en organiseren. Later kan die voorsprong opeens tegen je werken.
Dan kan er verwarring ontstaan. Je begrijpt ingewikkelde concepten razendsnel, maar je krijgt je administratie niet op orde. Je doorziet een systeem, maar vergeet de praktische stappen. Je hebt twintig ideeën, maar geen route. Je bent intellectueel ver vooruit, maar in taakinitiatie of volhouden minder getraind. Dat zie ik niet als bewijs dat er iets mis is. Ik zie het eerder als een ontwikkelvraag. Wat niet geoefend is, kan alsnog geoefend worden. Lees in dit verband ook mijn artikel over hoogbegaafd en hoogsensitief, omdat denken en voelen elkaar daar vaak versterken.
Waarom is begrijpen iets anders dan uitvoeren?
Bij hoogbegaafde mensen zie ik nog een tweede valkuil. Begrijpen gaat snel. Daardoor ontstaat de indruk dat uitvoeren ook snel moet gaan. Maar begrijpen en doen zijn twee verschillende werelden. Je kunt precies begrijpen hoe je een boek schrijft, en toch niet beginnen aan hoofdstuk één. Je kunt een bedrijfsproces doorzien en toch vastlopen op het maken van een planning. Je kunt weten wat gezond is en toch je grenzen overschrijden.
Dat is geen karakterfout. Dat is het verschil tussen inzicht en executieve uitvoering. Ik vind dat een belangrijk onderscheid. Want als je jezelf voortdurend verwijt dat je niet doet wat je allang weet, raak je ontmoedigd. Dan komt er een laag schaamte bovenop het oorspronkelijke probleem. En schaamte helpt zelden bij zelfregie. Een betere vraag is: welke executieve vaardigheid vraagt nu aandacht? Moet je leren starten? Moet je leren doseren? Moet je leren prioriteren? Moet je leren schakelen? Of moet je vooral leren stoppen voordat je leegloopt?
Wat is de relatie tussen hoogsensitiviteit en executieve functies?
Bij hoogsensitiviteit speelt nog iets anders. Een hoogsensitief persoon neemt vaak meer waar en verwerkt die waarneming dieper. Geluiden, sfeer, spanning, verwachtingen, gezichtsuitdrukkingen, kritiek, onuitgesproken boodschappen: het kan allemaal harder binnenkomen. Dat betekent dat de executieve functies meer werk te doen krijgen. Je brein moet niet alleen de taak regelen, maar ook de prikkels verwerken. Niet alleen de planning bewaken, maar ook de spanning in de ruimte registreren. Niet alleen luisteren naar wat iemand zegt, maar ook voelen wat eronder zit.
Geen wonder dat je dan sneller moe wordt. Een hoogsensitief kind dat thuiskomt uit school kan bijvoorbeeld niet “gewoon even” huiswerk maken. Eerst moet het systeem ontladen. Alle indrukken van de dag liggen nog op tafel in het hoofd. De meester die streng keek. De klasgenoot die verdrietig was. Het lawaai in de gang. De toets die morgen komt. De onverwachte verandering in het rooster. Dan kun je roepen: “Begin nou eens!” Maar misschien is de echte vraag: “Wat heb je nodig om eerst weer bij jezelf te komen?”
Daarom raakt dit onderwerp ook aan hooggevoeligheid en timemanagement. Tijd plannen is voor een hoogsensitief mens namelijk nooit alleen een agendakwestie. Het is ook een energiekwestie.
Waarom helpt structuur bij executieve functies?
Sommige mensen krijgen jeuk van het woord structuur. Ze horen er meteen dwang, regels en strakheid in. Ik begrijp dat. Maar gezonde structuur is geen gevangenis. Gezonde structuur is een leuning langs de trap. Als je moe bent, helpt een leuning. Als je haast hebt, helpt een leuning. Als je even wankelt, helpt een leuning. Niet om je klein te maken, maar om je overeind te houden.
Zo werkt structuur ook bij executieve functies. Een vaste plek voor spullen, een duidelijke starttijd, een kleine eerste stap, een visueel overzicht, een pauze op tijd: dat zijn geen kinderachtige hulpmiddelen. Het zijn manieren om jouw brein te ontlasten. Ik merk dat vooral hoogbegaafde mensen soms denken dat hulpmiddelen niet nodig zouden moeten zijn. “Ik moet dit toch gewoon kunnen?” Maar waarom zou je het jezelf moeilijker maken dan nodig is? Een bril is ook een hulpmiddel. Niemand zegt: “Je moet maar beter kijken.”
Hoe kun je executieve functies versterken?
Executieve vaardigheden ontwikkelen zich door oefening, herhaling en passende ondersteuning. Niet door jezelf te veroordelen. Begin daarom klein. Niet met een compleet nieuw leven, maar met één vaardigheid die nu het meeste verschil maakt. Wie alles tegelijk wil verbeteren, zet de dirigent opnieuw onder druk. Een paar praktische ingangen zijn:
- Maak de eerste stap kleiner dan je ego prettig vindt.
- Werk met zichtbare planning in plaats van planning in je hoofd.
- Bouw rustmomenten in voordat je overprikkeld raakt.
- Koppel taken aan vaste momenten of gewoonten.
- Evalueer kort: wat werkte wel en wat werkte niet?
Het gaat niet om perfectie. Het gaat om hanteerbaarheid. Wanneer je de lat te hoog legt, maak je van executieve ontwikkeling opnieuw een prestatienummer. Dan moet het in één keer goed. Maar leren plannen vraagt ook planning. Leren reguleren vraagt ook mildheid. Leren starten vraagt soms dat je eerst stopt met jezelf afbranden.
Hoe zien executieve functies eruit in de praktijk?
Stel je een jongen voor van veertien. Hij is slim, gevoelig en verbaal sterk. Op de basisschool ging alles vanzelf. Op de middelbare school verandert dat. Hij vergeet toetsen, begint te laat met leren en raakt boos wanneer zijn ouders hem eraan herinneren. Zij denken: “Hij kan het best, maar hij wil niet.”
Ik zou eerst een andere vraag stellen: welke executieve functies worden hier gevraagd die hij eerder niet nodig had? Hij moet nu vooruit plannen. Hij moet inschatten hoeveel tijd leerwerk kost. Hij moet zijn telefoon kunnen wegleggen. Hij moet frustratie verdragen wanneer iets niet meteen lukt. Hij moet hulp vragen voordat het misgaat. Dat is nogal wat. Wanneer je dat ziet, verandert de begeleiding. Je gaat niet alleen mopperen op het resultaat. Je gaat samen het proces zichtbaar maken. Wat is de toets? Wanneer is die? Wat moet je kennen? Welke eerste stap zet je vandaag? Waar leg je je telefoon? Wanneer pauzeer je? Hoe weet je dat je klaar bent?
Dat is geen pamperen. Dat is oefenen met zelfsturing.
Hoe werken executieve functies bij volwassenen?
Ook volwassenen kunnen vastlopen op executieve functies. Zeker wanneer ze veel verantwoordelijkheid dragen of langdurig onder druk staan. Je merkt het bijvoorbeeld wanneer je agenda volloopt en je niet meer kiest. Wanneer je steeds brandjes blust. Wanneer je mailbox jouw werkdag bestuurt. Wanneer je aan het einde van de dag druk bent geweest, maar niet weet waaraan. Wanneer je thuis niets meer kunt hebben omdat je de hele dag al hebt gereguleerd.
Bij hoogsensitieve volwassenen komt daar vaak bij dat ze veel afstemmen op anderen. Ze voelen wat nodig is, lezen de ruimte en passen zich aan. Dat vraagt energie. Bij hoogbegaafde volwassenen komt er soms bij dat ze zoveel mogelijkheden zien dat kiezen ingewikkeld wordt. Elk idee heeft zijwegen. Elke oplossing roept nieuwe vragen op. Dan is zelfregie niet harder werken. Zelfregie is kiezen wat nu aan de beurt is.
Welke misverstanden bestaan er over executieve functies?
Een groot misverstand is dat zwakke executieve functies hetzelfde zijn als luiheid. Dat is te simpel. Natuurlijk bestaat gemakzucht. Natuurlijk mag je iemand aanspreken op gedrag. Maar wanneer je alleen op gedrag stuurt, mis je soms de onderliggende vaardigheid. Een tweede misverstand is dat slimme mensen dit vanzelf moeten kunnen. Juist slimme mensen kunnen lang compenseren. Ze redden het op inzicht, snelheid of creativiteit. Tot de complexiteit groter wordt dan de compensatie.
Een derde misverstand is dat structuur altijd van buitenaf opgelegd moet worden. De kunst is juist om structuur te vinden die bij jou past. Niet de structuur van de buurman. Niet de structuur uit een standaardboekje. Maar een vorm die aansluit bij jouw denken, voelen, energie en levensritme. Daar begint persoonlijke ontwikkeling: niet jezelf in een mal duwen, maar ontdekken wat voor jou werkt.
Hoe ondersteun je iemand bij executieve functies?
Ondersteunen begint met kijken zonder meteen te veroordelen. Wat gebeurt hier precies? Waar loopt iemand vast? Is het starten, volhouden, schakelen, plannen, remmen, voelen of afronden? Daarna maak je het concreet.
- Niet: “Je moet beter plannen.”
- Wel: “Zullen we samen kijken wat je maandag, dinsdag en woensdag doet?”
- Niet: “Je moet rustiger reageren.”
- Wel: “Wat kun je doen tussen de prikkel en jouw reactie?”
- Niet: “Je moet zelfstandiger worden.”
- Wel: “Welke stap kun je al zelf en waarbij heb je nog steun nodig?”
Ik geloof in steun die zelfstandigheid opbouwt. Niet alles overnemen. Niet iemand laten zwemmen. Maar naast iemand gaan staan tot hij de beweging zelf leert maken.
Leer meer over hoogbegaafdheid (gratis webinar)
Wil je meer informatie? Volg dan gratis onze webinar over hoogbegaafdheid voor volwassenen.
Doe de HB-test!
Wil je meer inzicht in kenmerken van hoogbegaafdheid en hoe dit zichtbaar is in jouw leven? Doe dan online onze test. Aan te schaffen via de webshop!
Hoogbegaafd: gave of probleemgeval
Bestel het e-book (pdf) met als titel: hoogbegaafd, gave of probleemgeval. Over anders denken, voelen en vastlopen als hoogbegaafd persoon.
Veelgestelde vragen over executieve functies
Hier tref je enkele veelgestelde vragen.
Wat zijn executieve functies?
Executieve functies zijn regelfuncties van je brein. Ze helpen je om te plannen, starten, focussen, remmen, schakelen, emoties te reguleren en jezelf bij te sturen.
Zijn executieve functies hetzelfde als intelligentie?
Nee. Intelligentie zegt iets over begrijpen, verbanden zien en leren. Executieve functies zeggen meer over aansturen, uitvoeren en reguleren. Bij hoogbegaafdheid kunnen die twee uit elkaar lopen.
Waarom hebben hoogbegaafde kinderen soms moeite met plannen?
Soms hebben ze plannen minder hoeven oefenen omdat school lange tijd te gemakkelijk was. Wanneer de lesstof later complexer wordt, blijkt dat leren leren, prioriteren en doorzetten alsnog ontwikkeld moeten worden.
Wat is de relatie tussen hoogsensitiviteit en executieve functies?
Bij hoogsensitiviteit komen prikkels vaak intenser binnen en worden ze dieper verwerkt. Daardoor kan het brein sneller overbelast raken. Dat vraagt om rust, structuur en energiebewust plannen. Lees ook over HSP.
Kun je executieve vaardigheden trainen?
Ja, maar meestal niet door grote voornemens. Je traint ze door kleine, herhaalde stappen: zichtbaar plannen, op tijd pauzeren, één taak tegelijk doen, jezelf evalueren en passende steun organiseren.
Wat is metacognitie?
Metacognitie betekent dat je nadenkt over je eigen denken en handelen. Je kijkt als het ware even van een afstand naar jezelf. Wat doe ik nu? Waarom pak ik het zo aan? Werkt dit voor mij of moet ik bijsturen? Bij executieve functies helpt metacognitie je om te leren van wat goed ging en van wat misging.
Wat is respons-inhibitie?
Respons-inhibitie betekent dat je je eerste impuls kunt remmen. Je reageert dus niet meteen vanuit boosheid, spanning, enthousiasme of irritatie, maar je bouwt een kleine pauze in tussen wat er gebeurt en wat jij doet. Bij executieve functies helpt respons-inhibitie je om niet automatisch te reageren, maar bewuster te kiezen wat passend is.
Ben jij hoogbegaafd of vermoed je dat je hoogbegaafd bent?
Wij begeleiden en coachen hoogbegaafde volwassenen bij allerlei vraagstukken rond persoonlijke ontwikkeling, werk en loopbaan. Denk aan communicatie, timemanagement, autonomie, loopbaancoaching, bore-out, onderprikkeling en andere werkgerelateerde thema’s.
Bekijk onze coaching en trainingen voor hoogbegaafde volwassenen.
Online training hoogbegaafdheid

In de online training Hoogbegaafdheid ontdekken en verkennen kun je je verder verdiepen in dit thema. De training gaat dieper in op de praktijk van hoogbegaafdheid en helpt je om jezelf beter te begrijpen. Je krijgt meer inzicht in kenmerken, gevoeligheden, denkprocessen en de invloed daarvan op jouw leven, werk en relaties. Daarnaast helpt de training je om antwoorden te vinden op vragen waar je misschien al langere tijd mee rondloopt.
Auteur
Dit artikel is geschreven door Jan Stevens. Jan Stevens is eigenaar en oprichter van De Steven training & coaching (www.desteven.nl). Op deze website tref je meer dan 2000 blogs over persoonlijke ontwikkeling, loopbaan, leiderschap, teamontwikkeling, hoogsensitiviteit en hoogbegaafdheid.

Publicatiedatum: 22-05-2026


