Loading ...

Direct informatie? 0528 23 60 30

Of mail naar planning@desteven.nl

Verzuimcijfers: wat doe je ermee?

Verzuimcijfers geven informatie over de mate van ziekteverzuim binnen jouw organisatie. Bij verzuim en inzetbaarheid begint dat met een goede en eenduidige registratie. Als verschillende afdelingen anders registreren, krijg je cijfers die nauwelijks vergelijkbaar zijn. Maar met registreren ben je er nog niet. Sterker nog: dan begint het pas. Verzuimcijfers lezen, vergelijken en interpreteren in jouw situatie, daar gaat het om. Wat is hoog of laag verzuim? Hoeveel zegt een gemiddelde? En wanneer vertelt een cijfer vooral dat je verder moet kijken?

Wat voor verzuimcijfers zijn er?

Personeelssystemen kunnen tegenwoordig een heleboel verzuimcijfers ophoesten. De kunst is niet om zoveel mogelijk cijfers te verzamelen, maar om te weten wat je meet en waarvoor je het gebruikt. De belangrijkste kengetallen zijn het verzuimpercentage, de meldingsfrequentie en de verzuimduur. Daarnaast kan het nuttig zijn om te kijken welk deel van de medewerkers in een bepaalde periode minstens één keer heeft verzuimd.

Verzuimpercentage

Het verzuimpercentage geeft aan welk deel van de beschikbare werk- of kalenderdagen door ziekteverzuim verloren is gegaan. Je deelt het aantal verzuimde dagen door het aantal beschikbare dagen en vermenigvuldigt dat met 100 procent. Het CBS geeft aan dat je zowel met werkdagen als kalenderdagen kunt rekenen. Belangrijk is vooral dat je eenmaal gekozen voor een methode dezelfde methode blijft gebruiken, zodat perioden onderling vergelijkbaar blijven.

Meldingsfrequentie of verzuimfrequentie

De meldingsfrequentie geeft aan hoe vaak medewerkers zich in een bepaalde periode ziek melden. De termen meldingsfrequentie en verzuimfrequentie worden in de praktijk vaak voor hetzelfde soort kengetal gebruikt. Controleer daarom altijd welke definitie jouw eigen personeelssysteem hanteert. Een gemiddeld cijfer voor de hele organisatie kan bovendien iets heel anders vertellen dan een patroon van terugkerende ziekmeldingen bij dezelfde medewerker. Daarover lees je meer bij frequent ziekteverzuim.

Verzuimduur

De verzuimduur zegt iets over hoe lang ziektegevallen duren. Ook hier moet je weten wat precies wordt berekend. Gaat het om afgeronde verzuimgevallen, lopende gevallen of de duur van het meest recente verzuim? Een gemiddelde kan bovendien sterk worden beïnvloed door een klein aantal zeer langdurige gevallen. Daarom is alleen het gemiddelde zelden voldoende.

Verzuim meten: hoe doe je dat?

Voorafgaand aan de vraag hoe je ziekteverzuim meet, moet je eerst vragen waarom je het wilt meten. Verzuim heeft gevolgen voor het werkproces. Werk moet worden overgenomen, werkzaamheden kunnen vertraging oplopen en bij langdurige uitval kunnen kosten voor loondoorbetaling, vervanging en re-integratie aanzienlijk worden. Hoe groot die kosten zijn verschilt sterk per functie, organisatie en verzuimsituatie. Daarom plak ik er geen algemeen bedrag per verzuimdag meer op.

Verzuimcijfers zijn vooral managementinformatie. Ze helpen je trends te volgen, afdelingen of perioden te vergelijken en afwijkingen te herkennen. Maar vergelijk verstandig. Een cijfer uit januari vergelijken met een cijfer uit juli kan een vertekend beeld geven omdat ziekteverzuim een duidelijk seizoenseffect kent. Hetzelfde geldt voor een zorgorganisatie vergelijken met een horecabedrijf. Branche, bedrijfsgrootte, personeelsopbouw en aard van het werk kunnen allemaal verschil maken.

Verzuim meten en berekenen

Een eenvoudig voorbeeld van het verzuimpercentage

Stel dat je 40 voltijdmedewerkers hebt die in een bepaalde week ieder vijf werkdagen beschikbaar zijn. Samen zijn dat 200 beschikbare werkdagen. In die week worden in totaal negen werkdagen wegens ziekte verzuimd. Je rekent dan 9 gedeeld door 200, vermenigvuldigd met 100 procent. Het verzuimpercentage bedraagt in dit eenvoudige voorbeeld 4,5 procent.

In de praktijk wordt het ingewikkelder door deeltijdwerk, gedeeltelijke werkhervatting, medewerkers die in- of uitstromen en de manier waarop het personeelssysteem rekent. Zorg daarom dat binnen de organisatie één berekeningsmethode wordt gebruikt. Anders krijg je discussies over cijfers terwijl het probleem eigenlijk in de registratie zit.

Kort, middellang en langdurig verzuim

Bij de verzuimduur worden verschillende indelingen gebruikt. Daar bestaat geen universele wettelijke indeling voor kort, middellang en langdurig verzuim. Het CBS deelt het meest recente verzuim in de Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden bijvoorbeeld in vier groepen in: 1 tot 5 werkdagen, 5 tot 20 werkdagen, 20 tot 210 werkdagen en 210 werkdagen of langer.

In 2025 duurde 70,6 procent van de meest recente verzuimgevallen 1 tot 5 werkdagen. Bij 16,8 procent ging het om 5 tot 20 werkdagen, bij 11,4 procent om 20 tot 210 werkdagen en bij 1,2 procent om 210 werkdagen of langer. Dat zegt iets over hoe vaak verschillende duren voorkomen. Het zegt niet dat dezelfde percentages ook gelden voor het aandeel in alle verloren werkdagen of verzuimkosten.

Kort, middellang en langdurig verzuim

Kort verzuim valt vaak het meest op in de dagelijkse planning. Iemand belt 's morgens af en er moet direct vervanging worden geregeld. Langdurig verzuim komt minder vaak voor, maar één langdurig geval kan vanzelfsprekend veel meer verzuimdagen opleveren dan verschillende korte ziekmeldingen samen. Daarom moet je naar beide kijken. Bij kort en terugkerend verzuim is vooral het patroon interessant. Bij langdurige uitval worden begeleiding, arbeidsmogelijkheden en re-integratie steeds belangrijker.

De oude vuistregels dat 80 procent van het verzuim altijd door 20 procent van de gevallen wordt veroorzaakt of dat langdurig verzuim standaard 90 procent van het verzuimpercentage bepaalt, gebruik ik niet meer als algemene waarheid. Dat moet blijken uit de cijfers van jouw eigen organisatie.

Wie verzuimen er?

Ziekmeldingen zijn niet gelijkmatig over alle medewerkers verdeeld. Volgens de Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden gaf in 2025 50,7 procent van de werknemers aan in de voorafgaande twaalf maanden minstens één keer wegens ziekte te hebben verzuimd. Anders gezegd: ongeveer de helft meldde in die periode geen ziekteverzuim. Dat is iets anders dan de oude vaste verdelingen waarin bijvoorbeeld 30 procent nooit zou verzuimen en een vooraf bepaald percentage verantwoordelijk zou zijn voor bijna alle verzuimdagen.

Voor een leidinggevende is het interessanter om te kijken naar het patroon in het eigen team. Wie heeft terugkerende korte meldingen? Waar neemt de duur toe? Zijn er meerdere langdurige dossiers tegelijk? Zijn er verschillen tussen teams die gedurende langere tijd blijven bestaan? Gebruik die informatie om een gesprek of nadere analyse te starten, niet om medewerkers op basis van een lijstje alvast van een verklaring te voorzien.

Maatwerk blijft hier belangrijk. Een medewerker die vier keer kort uitvalt vraagt mogelijk om een ander gesprek dan iemand die na een ernstig ongeval maanden revalideert. De registratie laat het patroon zien. De betekenis ontstaat pas wanneer je de situatie ernaast legt.

Verzuimcijfers laten signalen zien, geen oorzaken

Een verzuimpercentage vertelt niet waarom mensen uitvallen. Dat geldt ook wanneer een bepaalde afdeling duidelijk hoger scoort dan de rest. Misschien speelt de aard van het werk een rol, misschien de leeftijdsopbouw, langdurige individuele ziekte, werkdruk, fysieke belasting of iets heel anders. Een cijfer is geen diagnose van een team en zeker geen diagnose van een medewerker.

Wel kunnen cijfers aanleiding geven om verder te kijken naar de oorzaken van ziekteverzuim. In 2025 gaf 22,5 procent van de werknemers die hadden verzuimd aan dat hun meest recente verzuim geheel of gedeeltelijk het gevolg was van het werk. Onder werknemers met werkgerelateerd verzuim werd een te hoge werkdruk het vaakst genoemd. De oude uitspraak dat 40 procent van al het arbeidsverzuim werkgerelateerd is, is daarmee te grof en laat ik los.

Ook hier geldt: een landelijk percentage vertelt niet wat er in jouw organisatie gebeurt. Als in één team verzuim, verloop, werkdruk en conflicten tegelijkertijd oplopen, verdient dat onderzoek. Niet omdat je uit het verzuimpercentage de oorzaak kunt aflezen, maar omdat verschillende signalen samen iets kunnen zeggen over de manier waarop het werk is georganiseerd.

Hoog, laag of normaal verzuim

Wat is een hoog verzuimpercentage en wanneer is het laag? Ik zou niet meer werken met één universeel percentage waaronder verzuim "normaal" zou zijn. De oude stelling dat tot 3 procent onvermijdelijk is en alles daarboven beïnvloedbaar, is daarvoor te stellig. Mensen worden ziek door zeer verschillende oorzaken en organisaties verschillen sterk in werkzaamheden, personeelsopbouw en arbeidsrisico's.

Landelijke cijfers kunnen wel als referentie dienen. Over heel 2025 bedroeg het ziekteverzuim van werknemers in Nederland 5,4 procent. In het tweede kwartaal van 2026 was dat voorlopig eveneens 5,4 procent. In het eerste kwartaal van 2026 lag het op 5,8 procent. Dat verschil laat meteen zien waarom je rekening moet houden met het seizoen.

Hoog, laag of normaal ziekteverzuim

Ook tussen bedrijfstakken bestaan forse verschillen. Over 2025 lag het ziekteverzuim in de zorg bijvoorbeeld op 7,5 procent, terwijl het in de horeca 3,2 procent en in landbouw en visserij 3,3 procent bedroeg. Een organisatie moet zich dus niet blindstaren op één landelijk gemiddelde. Vergelijk bij voorkeur met de eigen ontwikkeling door de jaren heen en met organisaties die qua sector, omvang en werkzaamheden enigszins vergelijkbaar zijn.

Daarbij wil ik één gedachte uit de oorspronkelijke benadering wel vasthouden. Een organisatie is niet opgericht om een bepaald verzuimpercentage te bereiken. Ze is er om producten te maken, diensten te leveren en mensen zinvol te laten bijdragen. Ziekte hoort bij het leven en enig ziekteverzuim is onvermijdelijk. De bedoeling van verzuimcijfers is daarom niet om ziekte tot nul terug te rekenen, maar om te begrijpen waar aandacht nodig is.

Wat kun je als leidinggevende met verzuimcijfers?

Gemiddelde cijfers zijn nuttig voor management, maar als leidinggevende heb je pas iets aan cijfers wanneer je weet welke vragen je ermee wilt beantwoorden. Gebruik ze niet als scorebord waarop afdelingen elkaar proberen te verslaan. Gebruik ze als stuurinformatie.

  • Volg de ontwikkeling van het verzuimpercentage over langere tijd.
  • Vergelijk dezelfde perioden met elkaar vanwege seizoenseffecten.
  • Kijk naast het percentage ook naar frequentie en duur.
  • Onderzoek terugkerende patronen binnen teams en functies.
  • Vergelijk alleen met branchecijfers wanneer de definities voldoende overeenkomen.
  • Bespreek frequent verzuim op basis van feiten en niet op basis van indrukken.
  • Besteed bij langdurig verzuim tijdig aandacht aan begeleiding en arbeidsmogelijkheden.
  • Combineer cijfers met informatie over werkdruk, verloop, veiligheid en samenwerking.
  • Gebruik cijfers om vragen te stellen en niet om medische conclusies te trekken.

Dat laatste vind ik belangrijk. Een leidinggevende hoeft bij een ziekmelding niet te voorspellen of iemand een paar dagen griep heeft of maanden zal uitvallen. Medische beoordeling en prognose horen bij de bedrijfsarts. Wel kun je het proces goed volgen, patronen herkennen en zorgen dat verzuimbegeleiding door de leidinggevende niet pas begint wanneer een dossier al maanden stilstaat.

Van verzuimcijfers naar inzetbaarheid

Verzuimcijfers hebben ook een beperking: ze meten afwezigheid wegens ziekte. Ze vertellen niet automatisch hoe inzetbaar de mensen zijn die wel aanwezig zijn. Een medewerker kan op zijn werk zijn en toch door gezondheidsklachten, vermoeidheid of overbelasting veel minder kunnen dan normaal. Dat zie je bijvoorbeeld bij roze verzuim en presenteïsme.

Je kunt het ziekteverzuimpercentage rekenkundig spiegelen. Bij 5,4 procent ziekteverzuim resteert 94,6 procent van de beschikbare dagen zonder geregistreerd ziekteverzuim. Maar noem dat niet automatisch 94,6 procent inzetbaarheid. Aanwezigheid, gezondheid, motivatie, bekwaamheid en productiviteit zijn verschillende dingen. Juist daarom wil je naast verzuimcijfers ook weten hoe mensen hun werk ervaren en of zij het op langere termijn gezond kunnen volhouden.

Daar ligt de verbinding met gezonde organisaties en teams. Een laag verzuimpercentage is mooi, maar het wordt interessanter wanneer het samengaat met gezond werk, duidelijke verantwoordelijkheden, voldoende regelruimte en medewerkers die hun bijdrage duurzaam kunnen blijven leveren.

Training verzuimmanagement

Wil je leidinggevenden beter toerusten om risico's op uitval eerder te herkennen en verzuim zorgvuldig te begeleiden? In de training verzuimmanagement werk je aan regie, gesprekken, verantwoordelijkheden en een aanpak die past bij jouw organisatie.

Bekijk de training verzuimmanagement

E-book leiderschapsontwikkeling

Het complete e-book Leiderschapsontwikkeling telt circa 172 pagina's en is geschreven door Jan Stevens. Het behandelt verschillende thema's rond leidinggeven, waaronder visie en strategie, motiveren, delegeren, teamontwikkeling, veranderingen en communicatie.

Bekijk het e-book

Veelgestelde vragen over verzuimcijfers

Verzuimcijfers lijken eenvoudig totdat je ze wilt vergelijken of er conclusies aan wilt verbinden. Deze vijf vragen helpen om de belangrijkste kengetallen goed te gebruiken.

Hoe bereken je het verzuimpercentage?

Je deelt het aantal door ziekte verzuimde dagen door het totaal aantal beschikbare dagen in dezelfde periode en vermenigvuldigt de uitkomst met 100 procent. Je kunt met werk- of kalenderdagen rekenen, maar moet dezelfde methode consequent blijven gebruiken.

Welke verzuimcijfers zijn belangrijk?

De belangrijkste kengetallen zijn het verzuimpercentage, de meldings- of verzuimfrequentie en de verzuimduur. Daarnaast kan het nuttig zijn te weten hoeveel medewerkers in een bepaalde periode minstens één keer verzuimden en hoe kortdurend en langdurig verzuim zich ontwikkelen.

Wat is een normaal verzuimpercentage?

Er bestaat geen universeel normaal percentage dat voor iedere organisatie geldt. Vergelijk jouw cijfers met de eigen ontwikkeling, dezelfde perioden in eerdere jaren en waar mogelijk met relevante branchegegevens. Over heel Nederland bedroeg het ziekteverzuim in 2025 gemiddeld 5,4 procent.

Kun je uit verzuimcijfers afleiden waarom medewerkers ziek zijn?

Nee. Verzuimcijfers kunnen patronen en afwijkingen zichtbaar maken, maar geven geen medische of organisatorische diagnose. Ze zijn vooral aanleiding om verder te onderzoeken wat er speelt.

Is een laag ziekteverzuim altijd een teken van een gezonde organisatie?

Nee. Een laag verzuimpercentage kan positief zijn, maar medewerkers kunnen ook met gezondheidsklachten blijven doorwerken of structureel overbelast zijn. Kijk daarom naast afwezigheid ook naar inzetbaarheid, arbeidsomstandigheden, werkdruk en andere signalen uit het werk.

Verzuimcijfers in het kort

Verzuimcijfers geven inzicht in de omvang, frequentie en duur van ziekteverzuim. Ze worden pas waardevol wanneer je definities consequent gebruikt, cijfers over langere tijd vergelijkt en onderzoekt wat achter een opvallend patroon zit. Gebruik verzuimcijfers als managementinformatie en niet als diagnose van medewerkers of teams.

Lees verder over verzuim en inzetbaarheid

Auteur

Auteur: Peter Weustink

Herschreven op 31 augustus 2026 door Jan Stevens. Jan Stevens is eigenaar en oprichter van De Steven training & coaching (www.desteven.nl). Op deze website tref je meer dan 2000 blogs over persoonlijke ontwikkeling, loopbaan, leiderschap, teamontwikkeling, hoogsensitiviteit en hoogbegaafdheid.


E=book Jezelf kwijtraken en jezelf hervinden

Ben je de verbinding met jezelf kwijtgeraakt door burn-out, depressie, verlies, overbelasting of een andere ingrijpende ervaring? In het e-book Jezelf kwijtraken en jezelf hervinden vind je herkenning, woorden en richting. Meer dan 6000 mensen gingen je voor.

Jezelf kwijtraken

Bekijk de aanbieding: jezelf kwijtraken en jezelf hervinden

Verder verdiepen bij De Steven

Soms lees je een artikel omdat je iets herkent. Je loopt ergens tegenaan in jezelf, in je werk, in je communicatie of in de manier waarop je met anderen omgaat. Dan kan het helpen om verder te lezen, te luisteren of gericht met een thema aan de slag te gaan.

Ontvang onze nieuwsbrief

Wil je op de hoogte blijven van nieuwe artikelen, podcasts, webinars, e-books en online trainingen? Schrijf je dan in voor onze nieuwsbrief. We sturen je inspiratie, herkenning en praktische verdieping rond persoonlijke ontwikkeling, leiderschap, communicatie, loopbaan en herstel.

Inschrijven voor de nieuwsbrief

Ontdek jouw volgende stap

Wil je onderzoeken wat bij jou speelt? Doe een gratis test, bekijk onze online trainingen of lees verder over thema’s als grenzen, assertiviteit, hoogsensitiviteit, loopbaanontwikkeling, communicatie en leiderschap.

Bekijk testen, trainingen en verdieping

Luister naar onze podcasts

In de podcasts van De Steven gaan we in gesprek over persoonlijke ontwikkeling, hoogsensitiviteit, hoogbegaafdheid, leiderschap, coping, familiepatronen, verlies en herstel. Geen glad verhaal, maar gesprekken over wat mensen werkelijk meemaken. Abonneer je op ons Spotify-kanaal!

Contact met De Steven

Contact

Onze nieuwsbrief

Ben jij leer- en nieuwsgierig? Meld je dan aan voor onze nieuwsbrief!
Met jouw aanmelding ga je akkoord met onze privacyverklaring en het ontvangen van onze nieuwsbrief. Je kunt je natuurlijk op elk moment weer afmelden.

Telefonisch contact? Heb je vragen? Bel ons op 0528 23 60 30 en vraag naar Monique van Nuil.