Ik ben niet zo'n spreker in de groep!
Ken je dit soort uitdrukkingen over wat je niet hoeft? Of wat je niet moet? Of wie je niet bent? Misschien zeg je dat je niet in het middelpunt van de belangstelling hoeft te staan, niet graag op de voorgrond treedt of gewoon niet zo'n spreker in de groep bent. Dat kan heel goed passen bij de kernkwaliteit bescheiden zijn. Maar dezelfde uitspraak kan ook een valkuil worden wanneer je jezelf ermee bij voorbaat kleiner maakt of minder ruimte geeft dan nodig.
In dit artikel ga ik in op de onuitgesproken verwachtingen en zelfs maatschappelijke druk die achter zo'n opmerking kunnen zitten. Maar wellicht is het ook een allergie die jou iets vertelt over jouw kwaliteiten.
- Je bent niet iemand die in het middelpunt van de belangstelling hoeft te staan.
- Je bent niet iemand die op de voorgrond hoeft te staan.
- Je bent niet zo'n spreker in de groep.
- Je bent niet te beroerd om hard te werken.
- Je bent geen haantje-de-voorste.
- Je bent niet heel dom.
Ik ben niet!
Wat je vertelt is wie je niet bent. Alsof je je moet verantwoorden. Ik ben niet iemand die maar drie koppen koffie op een dag drinkt. Alsof je je moet verdedigen. Je zegt toch ook niet tijdens een sollicitatiegesprek: ik ben niet iemand die geen salaris hoeft te ontvangen. Zie je de kromheid en de gekkigheid van 'niet'? Stel je voor dat de bakker op de deur schrijft: 'ik ben niet iemand die slager is'. Ik steek er nu een beetje de draak mee, maar er zit toch een serieuze ondertoon in 'ik ben niet'. Wat is dat dan?
Wie zegt nooit: ik ben niet!
Iemand die een vlotte babbel heeft, makkelijk praat en ad rem is, heb ik nooit horen zeggen: 'ik ben niet iemand die heel goed luistert tijdens gesprekken'. Jij wel? Iemand die nogal aanwezig is, heb ik nooit horen zeggen: 'ik ben niet iemand die graag een beetje op de achtergrond is in een groep'. Dat is kenmerkend. Dat valt op! Dus wie gemakkelijk praat en vlot is in de omgang, zegt: 'dit ben ik'. En wie daar naar eigen perceptie niet bij hoort, zegt: 'ik ben niet'.
Het zijn dus niet de sprekers en de makkelijke praters die dit soort opmerkingen maken. Het zijn de stille waarnemers, de stillen in den lande. Mensen met een hoge opmerkingsgave die met een enkel woord kunnen duiden waar het om gaat en die niet de halve bibliotheek nodig hebben om hun verhaal te doen.

Wanneer wordt 'ik ben niet zo'n spreker' een valkuil?
Niet graag op de voorgrond staan is op zichzelf geen probleem. Je hoeft niet de luidste van de groep te zijn en je hoeft ook niet overal onmiddellijk iets van te vinden. De valkuil ontstaat wanneer jouw uitspraak niet meer alleen beschrijft hoe je bent, maar bepaalt wat je jezelf nog toestaat. Je hebt wel een mening, maar spreekt die niet uit. Je weet ergens veel van, maar laat een ander het woord voeren. Je zou iets kunnen bijdragen, maar hebt vooraf al besloten dat spreken in een groep nu eenmaal niets voor jou is.
Dan verandert 'ik ben niet zo'n spreker' van een constatering in een begrenzing. Je geeft jezelf een kleinere rol dan nodig. Dat kan uiteindelijk ook leiden tot jezelf te onzichtbaar maken. De vraag is dus niet of jij een geboren spreker moet worden, maar of jouw bescheidenheid nog voldoende ruimte laat voor wat jij werkelijk te zeggen hebt.
Waarom doen we dit?
Wat mij betreft heeft dit alles te maken met onuitgesproken verwachtingen of met een ideaalbeeld dat maar ten dele klopt. Ergens in onze maatschappij leeft het idee dat je jezelf moet laten zien, aanwezig moet zijn en een leuke, vlotte babbel moet hebben. Wanneer jij jezelf daarin niet herkent, ga je je indekken. Dan zeg je: ik ben niet iemand die graag op de voorgrond treedt. Of: ik ben niet zo'n prater.
Eigenlijk zeg je dan: verwacht dit maar niet van mij. Maar onder die woorden hoor ik soms iets kwetsbaarders: eigenlijk vind ik dat je het wel van mij had mogen verwachten, maar ja, zo ben ik nu eenmaal niet. Bijna een verontschuldiging. Alsof je tekortschiet. Soms zit daar ook angst onder: zet mij alsjeblieft niet in de spotlights, want dan klap ik dicht. De uitspraak wordt dan een manier om jezelf alvast te beschermen en de lat iets lager te leggen voordat een ander hem te hoog legt.
Of is er nog wat anders aan de hand?
Ondertussen vraag ik me af: is het ook een manier om afstand te nemen? Niet alleen een vorm van zelfbescherming, maar ook van begrenzing? Misschien zegt iemand met zo'n opmerking eigenlijk: ik wil me niet verbinden met wat jij normaal vindt.
- Ik ben niet zo'n haantje-de-voorste, want daar heb ik juist een hekel aan.
- Ik hoef geen 10K per maand te verdienen, want ik heb niets met dat opgeblazen gedoe van mensen die alleen maar voor het geld gaan.
- Ik ben niet zo'n gangmaker op feestjes, dus laat me met rust.
Dan is het niet alleen angst die vooropstaat, maar misschien eerder een allergie. Een duidelijke nee tegen een bepaald soort gedrag waar je je niet mee wilt identificeren. En daar zit soms ook iets stelligs in, iets wat schuurt: ik ben anders dan jij en dat wil ik even helder hebben.
Kernkwaliteiten en kernwaarden
Als het een allergie is, dan vertelt het iets over jouw kernkwaliteit. Als jij zegt: ik hoef niet vooraan te staan in de groep, dan is jouw kwaliteit wellicht bescheidenheid. Pas dan wel op voor de valkuil van onzichtbaarheid. Eigenlijk vertel je misschien ook dat je een hekel hebt aan blaaskaken. Als jij zegt: ik ben niet zo'n prater in de groep, dan kan jouw kwaliteit zijn dat je een goed luisteraar bent. De valkuil kan vervolgens zijn dat je zelf te weinig inbreng hebt in het gesprek.
Dat betekent niet dat iedereen die weinig praat automatisch bescheiden is of dat je verplicht meer moet gaan spreken. Het gaat erom dat je onderzoekt wat werkelijk bij jou hoort en wat je jezelf misschien hebt aangeleerd. Soms past rust en luisteren precies bij jou. Soms gebruik je dezelfde kwaliteiten als reden om geen ruimte in te nemen wanneer die ruimte er wel degelijk voor je is.
Wat doet zo'n uitspraak met het beeld dat anderen van jou krijgen?
Wanneer je vaak zegt dat je niet zo'n spreker bent, vertel je anderen onbewust ook wat ze voortaan niet van jou hoeven te verwachten. Misschien wordt jouw naam daardoor niet genoemd wanneer iemand een presentatie moet geven, een overleg moet leiden of een idee moet toelichten. Dat hoeft niet erg te zijn wanneer je dat werkelijk niet wilt. Maar het wordt vervelend wanneer je later merkt dat mensen jouw kennis of mogelijkheden onderschatten.
Je woorden dragen dus bij aan de beeldvorming over jou. Wanneer jij steeds vertelt wat je niet bent, krijgt jouw omgeving veel minder informatie over wat je wél bent. Dat raakt aan dezelfde overtuiging die kan zitten achter doe maar gewoon, dan doe je gek genoeg: je houdt jezelf misschien keurig binnen de grenzen van wat vertrouwd en bescheiden voelt, maar laat ondertussen onvoldoende zien wat er werkelijk in je zit.
Het woord niet bestaat niet!
Vroeger hadden wij thuis een woordgrapje. Of eerlijk gezegd: het waren er heel veel. We zeiden: 'een nietmachine niet wel maar een naaimachine niet niet'. Maar wat ik wil zeggen: het woord niet bestaat niet. Je kent vast de uitspraak: als je zegt 'denk niet aan een roze olifant', dan denkt iedereen aan een roze olifant. En daar ligt nu het geheim.
Profileren en beeldvorming
Als jij je herkent in de persoon die niet in de belangstelling hoeft te staan en je vertelt dat ook, of wanneer jij vertelt dat je niet zo'n spreker bent, profileer jij je op roze-olifantenniveau. Je vertelt wat je niet bent. En dat beeld blijft hangen bij jezelf, maar ook bij anderen.
Jezelf leren profileren betekent niet dat je jezelf groter moet maken of ineens veel meer lawaai moet produceren. Het betekent dat je laat zien wie je werkelijk bent, waar jouw kwaliteiten liggen en wat jij kunt bijdragen. Dat kan ook rustig, bedachtzaam en met weinig woorden.
Wat je moet doen?
Gewoon pontificaal! Stop ermee door dit soort dingen te vertellen. Vertel niet: ik ben niet zo'n spreker. Zeg liever dat jij een goede luisteraar bent en dat je een behoorlijk empathisch vermogen hebt ontwikkeld. Vertel niet: ik hoef niet in de belangstelling te staan. Vertel dat jij graag dienstbaar bent. Vertel niet: ik hoef niet op de voorgrond te staan. Vertel dat jij jouw medeteamleden kunt laten floreren en in hun kracht kunt zetten.
Hoe laat je jezelf horen zonder iemand anders te worden?
Door niet te proberen de vlotte prater van de groep na te spelen. Misschien ben jij iemand die eerst luistert, nadenkt en vervolgens in een paar zinnen benoemt waar het werkelijk om gaat. Gebruik dan precies die manier. Zichtbaar worden betekent niet dat je meer woorden moet gebruiken dan bij jou passen, maar wel dat je jouw woorden laat horen wanneer ze ertoe doen.
Begin klein. Geef tijdens een overleg één keer jouw mening voordat het onderwerp wordt afgesloten. Stel de vraag die volgens jou ontbreekt. Benoem een observatie die anderen nog niet hebben genoemd. Zo leer je ruimte innemen vanuit jouw eigen stijl in plaats van vanuit het idee dat je een extraverte spreker zou moeten worden.

Ontwikkeldoelen wanneer je jezelf te klein houdt in een groep
Wanneer 'ik ben niet zo'n spreker' jou belemmert om jouw bijdrage te leveren, kunnen deze drie ontwikkeldoelen helpen om meer ruimte in te nemen zonder jouw eigen manier van communiceren kwijt te raken:
- Jouw kwaliteiten leren benoemen vanuit wat je wel kunt in plaats van vanuit wat je niet bent.
- Jouw mening en observaties eerder delen wanneer jouw inbreng relevant is.
- Meer zichtbaar durven zijn zonder te denken dat je daarvoor op de voorgrond moet staan.
Eigenschappenanalyse
Wil je beter zicht krijgen op jouw kwaliteiten, persoonskenmerken en valkuilen? Met de eigenschappenanalyse krijg je een uitgebreid persoonlijk rapport dat je helpt om jouw sterke kanten, valkuilen en ontwikkelpunten beter te herkennen.
E-books
Wil je verder de diepte in? In mijn e-books over talenten, kwaliteiten en valkuilen krijg je woorden voor wat jou van nature typeert, waar jouw kracht ligt en wat er gebeurt wanneer een kwaliteit doorschiet.
Veelgestelde vragen over niet zo'n spreker zijn
Niet iedereen praat gemakkelijk of graag in een groep en daar hoeft niets mis mee te zijn. De interessante vraag is vooral of jouw rustige manier van communiceren bij je past of dat je jezelf soms tegenhoudt terwijl je eigenlijk wel iets wilt zeggen. Hieronder beantwoord ik vijf aanvullende vragen.
Is stil zijn in een groep een valkuil?
Nee. Stil zijn kan juist betekenen dat je luistert, observeert of eerst nadenkt voordat je iets zegt. Het wordt pas een valkuil wanneer je structureel niets inbrengt terwijl je wel iets relevants te zeggen hebt of wanneer je jezelf uit angst of onzekerheid steeds terugtrekt.
Moet je veel praten om invloed te hebben in een groep?
Nee. Soms kan één goed gekozen vraag of observatie meer invloed hebben dan een verhaal van tien minuten. De hoeveelheid woorden zegt weinig over de waarde van jouw bijdrage.
Is niet graag op de voorgrond staan hetzelfde als onzeker zijn?
Nee. Je kunt heel zeker zijn van jezelf en toch weinig behoefte hebben aan aandacht. Onzekerheid speelt eerder wanneer je wel iets wilt zeggen of laten zien, maar dat niet durft omdat je bang bent voor het oordeel van anderen.
Kun je een goede luisteraar zijn en toch voldoende zichtbaar blijven?
Ja. Luisteren en zichtbaar zijn sluiten elkaar niet uit. Juist iemand die goed luistert kan na verloop van tijd een scherpe vraag stellen of benoemen wat er werkelijk speelt. Je hoeft jouw luisterende kwaliteit dus niet in te leveren om meer inbreng te hebben.
Wat als anderen vinden dat ik zichtbaarder moet worden?
Vraag dan wat ze precies bedoelen. Willen ze vaker jouw mening horen, weten ze onvoldoende wat je doet of verwachten ze dat je vaker presenteert? 'Je moet zichtbaarder worden' is erg algemeen. Pas wanneer duidelijk is welk gedrag wordt bedoeld, kun je beoordelen of dat werkelijk een passend ontwikkelpunt voor jou is.
Valkuilen in hoe je communiceert
De valkuil 'ik ben niet zo'n spreker in de groep' past inhoudelijk bij valkuilen in hoe je communiceert. Bescheidenheid, goed kunnen luisteren en eerst waarnemen voordat je iets zegt kunnen juist waardevolle kwaliteiten zijn in gesprekken en groepen. Je hoeft niet ieder stil moment op te vullen en kunt ruimte geven aan wat een ander vertelt voordat je zelf reageert.
De valkuil ontstaat wanneer die rustige communicatiestijl ervoor zorgt dat jouw eigen inbreng vrijwel verdwijnt. Dan horen anderen niet meer wat jij ziet, denkt of weet en kan jouw bescheidenheid tegen effectieve communicatie gaan werken. De kunst is daarom niet om een prater te worden die je niet bent, maar om jouw luisterende en observerende kwaliteiten te behouden en tegelijk jouw stem te gebruiken op de momenten waarop jouw bijdrage ertoe doet.
Auteur en publicatiegegevens
Dit artikel is geschreven door Jan Stevens. Jan Stevens is eigenaar en oprichter van De Steven training & coaching (www.desteven.nl). Op deze website tref je meer dan 2000 blogs over persoonlijke ontwikkeling, loopbaan, leiderschap, teamontwikkeling, hoogsensitiviteit en hoogbegaafdheid.

Publicatiedatum: 30-03-2025
Update: 13 augustus 2026.


